Het verhaal is bijna rond. Carien heeft inmiddels weer een afstreepkalender; elke morgen zet ze een kruisje zodat ze weet over hoeveel nachtjes we terug naar Nederland vliegen. Dat de reis bijna ten einde is, voelt nu minder vreemd. Waarschijnlijk omdat Sicilië meer voelt als vakantie dan als reizen en het er daarom bij hoort om na een bepaalde tijd weer naar huis te gaan. Maar toch kan ik me nog steeds maar moeilijk voorstellen hoe het thuis weer zal zijn.
We zijn nu aan de oostkust van Sicilië, zo’n 10 minuten rijden van Taormina. Op onze eerste dag hier beklimmen we de Etna. We hebben Mount Fuji gemist (die was veel verder van Tokyo dan we dachten), en dus willen we hier de vulkaan van dichtbij bekijken. We rijden met de auto een flink stuk omhoog en nemen dan een kabelbaan richting de top. We stappen over op een bus met jeepbanden en die brengt ons naar de kraters van de Etna. Je mag hier alleen met een gids lopen omdat de vulkaan nog steeds erg actief is -de laatste uitbarsting was in april van dit jaar- en omdat het erg hard waait op de top. Zo hard zelfs dat we geen rondje kunnen lopen over de rand van een van de grote kraters; de kinderen zouden weggeblazen kunnen worden. Carien vindt het heel eng op de vulkaan, vergelijkbaar met de ‘blue whale experience’ in Sri Lanka (toen we op een kleine boot opeens de gigantische blauwe vinvis naast ons zagen bovenkomen). Ik houd haar maar goed vast en langzaam kalmeert ze weer. Het is een spectaculair gezicht hierboven. Uit de hoogste kraters komt rook en je kunt duidelijk de zwarte lavastromen zien die bij de laatste uitbarsting naar beneden zijn gestroomd. En natuurlijk heb je een geweldig uitzicht over dit deel van het eiland. Uiteindelijk is ook Carien blij dat we dit hebben meegemaakt.
De volgende dag bezoeken we Taormina. Het dorpje ligt hoog op een heuvel niet ver van ons dorp Letojanni. Vanaf het oude amfitheater in Taormina hebben we een prachtig uitzicht op de rokende Etna en de zee. We eten er cannoli en granita’s, maar vanwege de drukte lunchen we beneden aan ‘ons’ strand.
De laatste twee dagen in Letojanni doen we niet veel meer; de laatste bladzijden uit de schoolboeken, zwemmen in ons zwembad en lunchen aan het strand. Vanaf het terras zien we blusvliegtuigen water scheppen uit de zee en dat uitstorten boven bosbranden aan de voet van de heuvel waar Taormina ligt. Al die tijd dat we op Sicilië zijn, heeft het niet geregend en is de temperatuur alleen maar opgelopen. Het is dus droog en bovendien waait het vandaag flink. Als we terugrijden naar ons appartementje zien we tot onze schrik dat op de heuvels om ons heen ook overal brandjes woeden. Er is veel rook bij ons appartement en het zwembad ligt vol as, maar de eigenaar verzekert ons dat het bij ons veilig is. Het probleem is de harde wind, die wakkert het vuur steeds weer aan en blaast de rook onze kant op. We zien de blusvliegtuigen ook bij ons overvliegen en zand (?) uitstorten. Ik zet voor de zekerheid de auto zo weg dat we er meteen mee weg kunnen rijden en we pakken een rugzakje in met de belangrijkste spullen (waaronder Cariens beest). Maar gelukkig gaat ’s avonds de wind liggen en doven de branden om ons heen.
sasenwout
44 chapters
July 03, 2017
|
Letojanni
Het verhaal is bijna rond. Carien heeft inmiddels weer een afstreepkalender; elke morgen zet ze een kruisje zodat ze weet over hoeveel nachtjes we terug naar Nederland vliegen. Dat de reis bijna ten einde is, voelt nu minder vreemd. Waarschijnlijk omdat Sicilië meer voelt als vakantie dan als reizen en het er daarom bij hoort om na een bepaalde tijd weer naar huis te gaan. Maar toch kan ik me nog steeds maar moeilijk voorstellen hoe het thuis weer zal zijn.
We zijn nu aan de oostkust van Sicilië, zo’n 10 minuten rijden van Taormina. Op onze eerste dag hier beklimmen we de Etna. We hebben Mount Fuji gemist (die was veel verder van Tokyo dan we dachten), en dus willen we hier de vulkaan van dichtbij bekijken. We rijden met de auto een flink stuk omhoog en nemen dan een kabelbaan richting de top. We stappen over op een bus met jeepbanden en die brengt ons naar de kraters van de Etna. Je mag hier alleen met een gids lopen omdat de vulkaan nog steeds erg actief is -de laatste uitbarsting was in april van dit jaar- en omdat het erg hard waait op de top. Zo hard zelfs dat we geen rondje kunnen lopen over de rand van een van de grote kraters; de kinderen zouden weggeblazen kunnen worden. Carien vindt het heel eng op de vulkaan, vergelijkbaar met de ‘blue whale experience’ in Sri Lanka (toen we op een kleine boot opeens de gigantische blauwe vinvis naast ons zagen bovenkomen). Ik houd haar maar goed vast en langzaam kalmeert ze weer. Het is een spectaculair gezicht hierboven. Uit de hoogste kraters komt rook en je kunt duidelijk de zwarte lavastromen zien die bij de laatste uitbarsting naar beneden zijn gestroomd. En natuurlijk heb je een geweldig uitzicht over dit deel van het eiland. Uiteindelijk is ook Carien blij dat we dit hebben meegemaakt.
De volgende dag bezoeken we Taormina. Het dorpje ligt hoog op een heuvel niet ver van ons dorp Letojanni. Vanaf het oude amfitheater in Taormina hebben we een prachtig uitzicht op de rokende Etna en de zee. We eten er cannoli en granita’s, maar vanwege de drukte lunchen we beneden aan ‘ons’ strand.
De laatste twee dagen in Letojanni doen we niet veel meer; de laatste bladzijden uit de schoolboeken, zwemmen in ons zwembad en lunchen aan het strand. Vanaf het terras zien we blusvliegtuigen water scheppen uit de zee en dat uitstorten boven bosbranden aan de voet van de heuvel waar Taormina ligt. Al die tijd dat we op Sicilië zijn, heeft het niet geregend en is de temperatuur alleen maar opgelopen. Het is dus droog en bovendien waait het vandaag flink. Als we terugrijden naar ons appartementje zien we tot onze schrik dat op de heuvels om ons heen ook overal brandjes woeden. Er is veel rook bij ons appartement en het zwembad ligt vol as, maar de eigenaar verzekert ons dat het bij ons veilig is. Het probleem is de harde wind, die wakkert het vuur steeds weer aan en blaast de rook onze kant op. We zien de blusvliegtuigen ook bij ons overvliegen en zand (?) uitstorten. Ik zet voor de zekerheid de auto zo weg dat we er meteen mee weg kunnen rijden en we pakken een rugzakje in met de belangrijkste spullen (waaronder Cariens beest). Maar gelukkig gaat ’s avonds de wind liggen en doven de branden om ons heen.
1.
Aftellen
2.
Kaapstad, Zuid-Afrika
3.
Johannesburg, Zuid Afrika
4.
Negombo, Sri Lanka
5.
Anuradhapura, Sri Lanka
6.
Kandy, Sri Lanka
7.
Nuwara Eliya en Ella, Sri Lanka
8.
Mirissa en Galle, Sri Lanka
9.
Colombo, laatste dagen Sri Lanka
10.
Singapore
11.
Melaka, Maleisie
12.
Kuala Lumpur, Maleisie
13.
Batu Ferringhi, Penang, Maleisie
14.
George Town, Penang, Maleisie
15.
Cameron Highlands, Maleisie
16.
Taman Negara, Maleisie
17.
Kota Bharu, Maleisie
18.
Pulau Kapas, Cherating en Mersing, Maleisie
19.
Pulau Tioman, ons laatste verblijf in Maleisie
20.
Fukuoka, Japan
21.
Nagasaki, Japan
22.
Kumamoto, Japan
23.
Beppu, Japan
24.
Okayama, Japan
25.
Naoshima, Japan
26.
Himeji, Japan
27.
Kobe, Japan
28.
Kyoto, Japan
29.
Takayama, Japanse Alpen
30.
Shirakawago, Japanse Alpen
31.
Kanazawa, Japan
32.
Matsumoto, Japanse Alpen
33.
Nagano, Japanse Alpen
34.
Tokyo, Japan
35.
Catania, Sicilie
36.
Cefalú, Sicilie
37.
Maria Grazia di Carini, Sicilie
38.
Segesta, Sicilie
39.
Selinunte en Agrigento, Sicilie
40.
Piazza Armerina, Sicilie
41.
Siracusa, Sicilie
42.
Letojanni, Sicilie
43.
Catania, Sicilie
44.
Weer thuis
Create your own travel blog in one step
Share with friends and family to follow your journey
Easy set up, no technical knowledge needed and unlimited storage!